Klimaatontkenners vinden vaak terecht dat hun argumenten onvoldoende worden gehoord. Tijd om dat eens te bestuderen. In ‘De menselijke maat , de aarde over tienduizend jaar’ geeft Salomon Kroonenberg (SK) aan waarom we ons niet zo druk hoeven te maken over het klimaat. Een goed verhaal. De vraag is alleen of dat leidt tot minder aandacht voor het huidige klimaat of dat we op de langere termijn nog een extra probleem hebben.

In figuur 1 is het betoog van SK in een systeemplaatje gezet [i]. Het gaat om een fasesysteem ofwel een vergelijking in de tijd, betreffende het aspect klimaat en de gevolgen voor het subsysteem de diersoort mens.

  1. De tijdas verloopt van zeg min tot plus oneindig. Dat is wat veel voor het collectieve geheugen van de mens. De mens ziet een punt of kort stukje van tijdlijn. Zoals de aarde een bol is maar wij toch een plat vlak ervaren, zo zien we de klimaatkrommes door onze beperkte tijdshorizon recht. Door de industriële revolutie met veel CO2 zie je die in de hockeystick vorm stijl omhoog lopen op die korte termijnlijn. Maar dat is relatief. Op de lange termijn is de mens niet de enige en zelfs maar een kleine veroorzaker van CO2. Trendmatig ontstaan er ook weer dalingen door diverse andere oorzaken. Er zijn geologen die CO2 productie positief beoordelen, omdat de ijstijden op lange termijn dan minder streng worden (SK 189)[ii].
  2. Klimaat is niets anders dan de gemiddelde toestand van het weer van en bepaald gebied berekend over een periode van 30 jaar (SK; blz 145). Die 30 jaar is ook weer het terug brengen van de meeteenheid naar de menselijk maat. Maak er 1 of 1000 jaar van en het beeld wijzigt. Daarbij meet het een gevolg van iets en zegt niks over de oorzaken zoals CO2, zonnevlekken, tektonische platen etc. die het klimaat beïnvloeden. De gebruikte meeteenheid is discutabel en het klimaat is het gevolg van een verzameling oorzaken waarvan de exacte invloed onbekend blijft.
  3. Wat betekent het klimaat in de tijd voor de diverse plant- en diersoorten en specifiek voor de soort mens als subsysteem, waarbij subsystemen wel van elkaar afhankelijk blijven. Als wij iets doen waardoor granen niet meer groeien is er geen brood op de plank (misschien wel wat anders). Hoe lang is er met een bepaalde biodiversiteit toekomst voor de soort mens. Er zijn in het verleden veel soorten ontstaan en verdwenen. Dat kan de soort mens ook gebeuren.

De boodschap van SK lijkt dat de soort mens in de schier oneindige ruimte van tijd, klimaat en soorten planten en dieren maar een nietig stipje is. Willen we als stipje zo lang mogelijk overleven, dan zullen we ons luie denkvermogen moeten activeren met plichten voor kinderen, kleinkinderen en verder nageslacht[iii].

Voor de toekomst worden er vaak twee mogelijkheden genoemd om te overleven als stipje:

  1. Mens past zich aan aan golven als ijs- en warme tijden. We bouwden terpen of dijken en verhuisden in ijstijden naar betere oorden. Voor dat laatste wordt het wat vol met de huidige wereldpopulatie en economische vluchtelingen van elders zijn zelden welkom. Noord Afrika en Syrië tonen hoe het in werkelijkheid gaat. Wel strijd met wapenleveranties; weinig opvang en hulp voor vluchtelingen. SK stelt voor om te beginnen in Bangla Desh, waar de dijken minder goed zijn dan in Nederland. Een nobele oproep, zonder vermelding hoe je dat realiseert in de huidige samenleving.
  2. Klimaat proberen te beheersen. Dat is als ‘stipje’ een mission impossible. Klimaatsceptici wijzen er terecht op dat CO2 en lange termijn klimaatgolven komen door elementen buiten het bereik van de mens. SK wijst wel op tekort aan grondstoffen en wil daarom energievraagstukken oplossen. Dat is al positief, maar toch lijkt het in het kader van de urgentie goed om te kijken of CO2 echt geen invloed kan hebben.

Er zijn dus twee denkrichtingen. De eerste is aanpassen, waarbij de top van de warme periode wellicht eerder wordt bereikt en hoger wordt dan wanneer er geen industriële revolutie had plaats gevonden. In de ijstijd blijft de temperatuur wellicht wat aangenamer. De tweede is klimaat beheersen waarbij we eigenlijk zeker weten dat we de cycli ijstijd – warme periode met de CO2 hoeveelheden niet naar onze hand kunnen zetten. Dat wil niet zeggen dat we ze niet beïnvloeden.

Figuur 1. Tijd, klimaat en soorten planten in 3 dimensionale figuur

SK formuleert een testvraag (blz 295) van de natuurliefhebber en de tuinman. Stel dat de CO2 niet een menselijke maar een natuurlijke oorzaak zou hebben. Dan zou de natuurliefhebber zeggen dat de mens ondergeschikt is aan de natuur en is bereid zich aan te passen. De tuinman zou ingrijpen omdat dit een bedreiging is van de mens of dit nu natuurlijk is of niet. ‘Dit is mijn tuin, en ik wil zelf vaststellen waar mijn rotspartijen moeten liggen, waar mijn vijvers moeten komen met kikkers etc.’ De tuinman heeft geen schijn van kans en de natuurliefhebber begrijpt niet waarom het klimaat wel mag veranderen als het een natuurverschijnsel is, maar niet als de het mens doet. Het punt is dat ze beide ingrijpen als je de golven als norm van het klimaatproces neemt. De terugkoppeling van de tuinman is tegen de verandering (zijn norm; niet die van de natuur) en die van de ‘natuurbeschermer’ versterkt die door extra CO2 productie (extra vervuilen door de mens is zijn norm)[iv]. Als de tuinman niet ‘zijn vijvers en kikkers’ wil handhaven, maar het onkruid (bijvoorbeeld teveel CO2) in die natuur tuin wiedt, gaan de golven die SK beschrijft ongestoord door. Als de natuurbeschermer echt de natuur wil beschermen, zal hij paal en perk stellen aan onmatige consumptiepatronen omdat dit juist de klimaatverandering op een onnatuurlijke wijze kan beïnvloeden. Beide zijn dan gericht op het in stand houden van het proces van de ‘normale’ ijs en warme tijden in de loop der eeuwen (de norm). Het gaat zoals SK ook beschrijft vaak om cirkelbewegingen die gekoppeld zijn in een complex systeem. SK lijkt wat makkelijk de trendmatige ontwikkelingen van zijn grafieken door te trekken naar de toekomst, ondanks de huidige extra vervuiling in dit complexe systeem.

 

Klimaat betreft het weer en dat kunnen we nauwelijks voor meer dan 14 dagen vooruit voorspellen. Er zijn nog wel seizoensinvloeden, maar daarin zijn verschuivingen wanneer de vogels nesten bouwen, er Elfstedentochten zijn etc. Regelmatig kom je bij SK termen tegen als ‘dat weten we niet’ en ‘dat is niet bewezen’ met ergens aan het einde ‘Het zal nog jaren duren voor de stofwolken zijn opgetrokken en wij het kaf, ja ook het kaf in Nature en Science (wetenschappelijke tijdschriften) van het koren kunnen scheiden (blz. 299)’. Allemaal prima maar al in 1972 hield Lorenz een voordacht onder de titel ‘Voorspelbaarheid; kan de beweging van een vlindervleugel in Brazilië een tornado in Texas veroorzaken?’, wat een metafoor werd voor chaos en onvoorspelbaarheid in het algemeen (Broer, Craats, & Verhulst, 2008, p. 49). Bij SK verhuist de vlinder naar Peking en de tornado naar Nebraska maar nog steeds geldt (blz 288); ‘Al die nieuwe technieken staan nog in de kinderschoenen, de tijdreeksen bestaan nog maar enkele jaren en we branden van verlangen om daar definitieve trends uit te halen en voorspellingen te doen over waar in Peking die volgende vlinder vliegt die wanneer in Nebrsaka de volgende hurrricane zal veroorzaken. Maar het groeit’. Klinkt goed, maar de economische modellen van het CPB groeien al jaren en de voorspellingen deden het redelijk, totdat er in 2008 een kink in de kabel kwam. De ellende met modellen is dat ze goed trends voorspellen totdat een onbekende variabele niet of onvoldoende is opgenomen roet in het eten gooit. Die modellen werken als ze minder nodig zijn maar bij echte problemen heb je er niks aan zoals bij een crisis. Op basis van positieve voorspellingen werden hoge hypotheken verstrekt; toen de modellen niet meer werkten stonden de huizen ‘onder water’ en werden de Grieken ‘geholpen’ met leningen (anders gingen Europese banken failliet) waar ze nog jaren aan vast zitten. Centrale banken pompten miljarden in de economie voor een lage rente waardoor het pensioensysteem vastloopt en er niet wordt geïndexeerd. Maar iedereen kon bedenken dat hoge aflossingsvrije hypotheken met renteaftrek en ondoorzichtig verpakte leningen doorverkopen (in VS) vragen is om problemen. Is het dan verstandig op de CO2 weg door te gaan wetende dat we teveel CO2 uitstoten en onze populatie toeneemt in een complex systeem waarin soms onbekende kleine verstoringen grote gevolgen hebben? Of is het wijsheid om onze aflossingvrije hypotheek op het milieu wat af te lossen en het risico op het voortijdig uitsterven van de soort mens te voorkomen? Als het fout gaat is er in het milieu geen centrale bank die geld creëert. Dan gaat het echt fout. Gezien de voorspelbaarheid  lijkt vanuit het voorzichtigheidsprincipe het verstandiger om geen klimaat ontkenner te zijn maar realist en te proberen de hoeveelheid CO2 terug te brengen tot redelijke proporties.

 

Dat wil niet zeggen dat je voorbij gaat aan de argumenten van de klimaatontkenner. Stel de nadenkende tuinman en natuurbeschermer besluiten samen hun strategie te richten op minder misbruik maken van de natuur en verder mee te deinen op de klimaatgolven die SK presenteert. Dat de volgende ijstijd komt is aannemelijk. SK stelt: ‘De enige manier om het effect te verzachten is ervoor zorgen dat er zoveel mogelijk koolzuurgas in de atmosfeer terecht komt. Stoken, Greenpeace! Redt het klimaat van de Finnen’ (blz 189). Dat is dus de strategie van de onnadenkende tuinman. Geen schijn van kans. Maar wat dan met die Finnen en andere  slachtoffers van het klimaat. In het verleden vertrokken mensen uit hun omgeving als die klimatologisch onhoudbaar werd om elders een bestaan op te bouwen. Dat had soms strijd tot gevolg, maar het betrof minder mensen met een beperkte actieradius. Nu is op Google Earth te zien waar je het beste naar toe kunt en de routeplanner doet de rest. We hebben daarvan al een voorproefje met vluchtelingen uit Afrika en Syrië[v]. Elegant is dat niet opgelost en het verhaal dat de CO2 uitstoot nu, straks de ijstijd verlicht voor de Finnen koopt men nu in Darfur geen brood voor. Als we bij echte klimaatproblemen mee willen deinen op de golven (aanpassen; dus verhuizen) is er wat anders nodig dan een bos prikkeldraad aan de Hongaarse grens of de muur van Trump. Natuurlijk kan je de grens dichtgooien en wachten tot de vluchtelingenschaal zo groot wordt tot dat het uit de hand loopt. Dan ontstaat een dynamisch proces van sociologische aard dat minstens zo onvoorspelbaar en chaotisch is dan het weer. Om dat te voorkomen zijn projecten zoals dijken in Bangla Desh nodig en rekening houdend met de grafieken van SK nog drastischere maatregelen om sociale rampen te voorkomen. Wijzen op komende klimaatgolven en werken aan oplossingen lijkt dan ook een belangrijkere functie van ‘klimaatontkenners’ dan het bestrijden van Al Gore. Het is goed om ons korte collectieve geheugen te verruimen en te beseffen dat mensen soms elders een bestaan op moeten bouwen of er andere voorzieningen nodig zijn. Het vluchtelingen probleem is structureel. Alleen de mate waarin hangt af hoe we weten te anticiperen op klimaatgolven. In lijn met de klimaat ontkenners lijkt het dus verstandig om na te denken over nog meer warmte en daarna de ijstijd; hoe we die enorme hoeveelheid mensen huisvesten en voeden. Het pappen en nat houden van het huidige vluchtelingenbeleid zal niet volstaan.

 

Het verwijt dat de oplossingen te kostbaar zijn lijkt onzin. Er is een overvloed aan kennis en middelen. Maar willen we die inzetten om risico’s voor onze soort in de toekomst te beperken? Of gaan we voor overvloed aan consumptie op korte termijn. De mens van nu leeft echt niet langer als hij niet dat weekend vanuit Amsterdam naar New York vliegt voor het zien van een musical of een weekend strand op Bonaire. We maken ons zorgen om de economische groei door de beperkingen van Schiphol, terwijl we weten dat die vluchten veel te goedkoop zijn door te lage brandstofprijzen en relatief veel CO2 uitstoten. Groei is goed voor de werkgelegenheid, maar intussen reizen mensen uit Polen naar Nederland om de vacatures op te vullen (waarna burgers klagen over buitenlanders in hun buurt). Nederland vervuilt veel door veel industrie, maar moet die hier wel zijn? Zijn andere locaties niet milieuvriendelijker? Je hoeft bedrijven niet gelijk te sluiten, maar denk op de wat langere termijn zoals SK doet. Misschien is CO2 opslag dan niet een optimale optie; besteedt dan die middelen of nog wat extra aan oplossingen die wel goed zijn. Isoleren is altijd goed, ook in de ijstijd. En dan gaat het nog niet eens over de middelen verslindende interventies in Afghanistan, Irak, Libië, Syrië en wapenwedlopen met oefeningen in diverse landen en continenten. Daarmee hadden we heel wat aan het klimaat kunnen doen, waar er nu alleen maar afbraak, verderf  en CO2 met grondstoffenverbruik zien. Hoeveel dijken hadden er met die middelen kunnen liggen in Bangla Desch. SK (blz. 14) geeft zelf het echte probleem al aan met het plaatje ‘ruimte – tijdschalen van de menselijk blik’ uit het Rapport van Rome uit 1971 (figuur 2). Voelen we een plicht[vi] voor het nageslacht of gaan we voor maximaal geluk, wat dat ook moge zijn, op korte termijn voor ons zelf. En als we die plicht voelen hoe buigen we dan de huidige sociale trend en structuur om voor de lange termijn, zodanig dat er ook wat gebeurt met de overvloed aan mogelijkheden die we hebben.

 

 

Klimaatontkenners hebben gelijk dat er klimaatgolven zijn waar we als mens geen invloed op hebben. Gezien de populatie van de soort en het veranderende gedrag is aanpassen of verhuizen minder eenvoudig dan in het verleden. Dat vraagt dus extra aandacht die bij o.a. Al Gore ontbreekt. Met de nadruk op de huidige klimaatproblemen schuift Al Gore in zijn presentatie de lange termijn trends onder het tapijt (terecht punt van SK). De vraag is wanneer wetenschappers met die trends zekerheid geven en of we daarop willen wachten met een grote kans dat we te laat zijn. De wetenschap is nooit zeker, vooral niet als het zoveel variabelen betreft, waarbij vaak niet bekend  je of alle relevante variabelen in het model zitten. Moeten we toch niet wat aanbevelingen van Al Gore in overweging nemen? Duidelijk is dat ons gedrag invloed heeft en dat kleine wijzigingen grote gevolgen kunnen hebben. Dit is een risicoanalyse rond een op termijn vervoegde ondergang van de soort mens. Die vraag ligt niet alleen bij wetenschappers, die het ook niet zeker (kunnen) weten. Samen horen we te beslissen of en hoe we de overvloedige midd

[i] Zie voor toelichting systeembenadering (Hofman, 2018) hoofdstuk 2.

[ii] SK is hierin relatief gematigd en er zijn er meer mensen die zo realistisch denken. Al bij het eerste boek van Al Gore wezen wetenschappers me terecht op de tekortkomingen van het betoog van Gore.

[iii] Dit is de kern van (Hofman, 2018) maar dan uitgewerkt vanuit sociologisch perspectief richting verlichting en vrede.

[iv] Zie (Hofman, 2018) paragraaf 2.3.2 De grenzen aan de groei met Joop Den Uyl, 2.3.3 De regelkring en 2.3.4 Statistiek en drama met Al Gore.

[v] Zie voor complexe samenhang droogte in Syrië(Hofman, 2018) ‘7.3.3 Wie te lui is om te denken doet snel kwaad in complexe situaties’ en (Gleich, July 2014)

[vi] (Hofman, 2018) Kernelement filosofie van Kant is plichten van mensen en niet alleen maar rechten op korte termijn genoegens.

 

Broer, H., Craats, J., & Verhulst. (2008). Chaostheorie, einde van de voorspelbaarheid. Utrecht: Epsilon.

Gleich, P. (July 2014). Water, Drought, Climate Change, and Conflict in Syria. American Meteorological Society , 331-341.

Hofman, H. (2018). Naar de Verlichting en eeuwige vrede van Kant. Amsterdam : Brave New Books.